U wordt binnenkort geopereerd aan een verzakking: één of meerdere organen zijn verzakt in het bekken. Dat wordt in medische termen een prolaps genoemd. Het is belangrijk dat u in de periode voor de operatie en daarna oefeningen doet voor het bekkengebied: bekkenfysiotherapie. In deze folder krijgt u informatie over de bekkenbodem, een prolaps en het belang van bekkenfysiotherapie rondom de verzakkingsoperatie.
De bekkenbodem is een groep spieren aan de onderkant van het bekken. Deze groep spieren vormt samen met de botten van het bekken de onderkant van de buikholte. De bekkenbodem ondersteunt alle organen in het bekken: blaas, darmen en baarmoeder. De bekkenbodem sluit de onderkant van de buikholte af. Ze spannen zich extra aan als de druk in de buikholte toeneemt, zoals bij hoesten, niezen, tillen, bukken, enzovoorts. Ook zorgen ze ervoor dat we urine, ontlasting en windjes kunnen tegenhouden. Daarnaast moeten deze spieren ook goed kunnen ontspannen. Alleen met een ontspannen bekkenbodem kunnen we goed plassen, ontlasten en vrijen.
Door de bekkenbodem lopen de plasbuis (urethra), de schede (vagina) en het uiteinde van de dikke darm (rectum), zie afbeelding 1 hieronder. (bron: Reinier de Graaf Ziekenhuis, Delft).

Doordat de blaas, baarmoeder en darmen dichtbij elkaar liggen, beïnvloeden ze elkaar.

Afbeelding 2: Verzakking van de baarmoeder (bron: Reinier de Graaf Ziekenhuis, Delft)

Afbeelding 3: Verzakking van de achterwand (bron: Reinier de Graaf Ziekenhuis, Delft)
Klachten als gevolg van een verzakking kunnen betrekking hebben op meerdere organen, bijvoorbeeld:
Vaak gaat een verzakking van een of meerdere organen gepaard met een verzwakte bekkenbodem. De bekkenbodem kan ook juist te gespannen zijn.
De klachten kunnen hetzelfde zijn, maar de behandeling is heel verschillend. Over een te gespannen bekkenbodem gaat deze folder niet.
Bij een verzakkingsoperatie wordt de verzakking opgeheven. De operatie kan plaatsvinden via de buik of via de vagina. Vaak worden de vaginawanden ingekort en de stand van de blaas en/of darmen worden gecorrigeerd. Soms wordt de baarmoeder verwijderd. Als dat aan de orde is, is dit van tevoren met u besproken.
Een dergelijke operatie in de onderbuik is ingrijpend. Er zijn na de operatie weinig of geen wonden te zien, maar inwendig zijn die er wel. De wondgenezing duurt in de meeste gevallen ongeveer zes weken. Het is belangrijk dat u in deze periode voldoende rust neemt en geen activiteiten onderneemt die te veel druk op de buik (verhoogde buikdruk) geven. Verderop in deze folder wordt uitgelegd wat hiermee wordt bedoeld en wat u beter niet kunt doen.
U mag de eerste zes weken na de operatie geen activiteiten uitvoeren waarbij de buikdruk toeneemt. U mag bijvoorbeeld niet tillen, dragen, hard duwen of trekken, niet springen, persen of een blaasinstrument bespelen. Regel daarom voordat u geopereerd gaat worden voldoende hulp voor thuis, voor het leven van alle dag.
U mag wel ‘onbelast bewegen’, bijvoorbeeld lopen en lichte huishoudelijke werkzaamheden, zoals stoffen en de was opvouwen.
Als u bekend bent met een moeizame stoelgang (obstipatie), geef dat vooraf aan. U krijgt dan medicatie mee die de stoelgang gemakkelijk maakt. Dat is belangrijk, want u mag na de operatie niet persen.
Bij onjuist gebruik van de bekkenbodem of als de bekkenbodem niet goed functioneert, stuurt de gynaecoloog u door naar de bekkenbodem-fysiotherapeut van het HagaZiekenhuis. Deze neemt met u het volgende door:
Het is verstandig om al voor de operatie te beginnen met het oefenen van de bekkenbodem en het toepassen van de houding- en bewegingsadviezen. Het doel hiervan is de kans op terugkeer van uw klachten of van de verzakking na de operatie zo klein mogelijk te maken.
De fysiotherapeut vertelt u wanneer u met de oefeningen kunt starten.
ontspannen.
Het gaat bij de oefeningen niet op kracht, maar op het weer leren voelen .
De oefening mag nooit pijn doen. Het is belangrijk dat u de momenten waarop de buikdruk hoger wordt, gaat herkennen. Op die momenten is het belangrijk om de adem niet vast te zetten, maar goed door te ademen terwijl u de bekkenbodem aanspant.
Als u weet hoe u de bekkenbodem moet aanspannen, mag u daar na twee tot drie dagen na de operatie weer mee beginnen. Het is belangrijk om de oefeningen te blijven doen, ook als u weer thuis bent.
Na de operatie blijft u enkele dagen in het ziekenhuis.
De arts/verpleging geeft aan hoe lang u bedrust moet houden en wanneer u mag gaan beginnen met bewegen. Na de operatie is het van belang de buikdruk zo laag mogelijk te houden. Te veel belasting van de onderbuik kan ertoe leiden dat de wond niet goed geneest. Dat geeft een minder gunstig resultaat van de operatie. Te veel belasten kan ook leiden tot het loslaten van de hechtingen, zodat een eventuele verzakking terug kan komen.
Het advies is om het de eerste zes weken na de operatie 'rustig aan te doen'. Dit begrip heeft voor iedereen een andere betekenis. De één kan meer dan de ander. Hieronder staan een aantal richtlijnen.
Veel patiënten krijgen een recept voor Movicolon mee.
Dit medicijn laat de ontlasting makkelijker verlopen. Het is de bedoeling dat u regelmatig (1 - 2 x per dag tot om de dag) zonder persen ontlasting heeft. Is dat vaker of wordt de ontlasting te dun, bouw het medicijn dan af: in plaats van één zakje per dag neemt u een half zakje per dag of een half zakje om de dag.
Na vier weken mag u dit medicijn in elk geval afbouwen.
Merkt u dat de ontlasting weer moeilijker gaat en moet u persen, gebruik dan weer wat meer zakjes per keer of wat vaker een zakje per dag.
Bij ontslag krijgt u een controleafspraak mee. De controleafspraak vindt zo’n zes weken na de operatie plaats.
Het lijkt misschien alsof u niets mag doen na de operatie, maar dat is niet zo. Het genezingsproces wordt juist vertraagd als u niets doet. Als u thuiskomt uit het ziekenhuis, kunt u zichzelf verzorgen. Daarnaast is alles toegestaan wat u rustig zittend kunt doen.
Telefoonnummer: (070) 210 6482
Bereikbaar van maandag t/m donderdag van 08.00 tot 16.30 uur
Telefoonnummer: (070) 210 2002
Bereikbaar van maandag t/m vrijdag van 08.00 tot 16.30 uur
Bij een vermoeden van een blaasontsteking belt u tijdens kantoortijden naar het BekkenBodemCentrum of de polikliniek Gynaecologie.
Buiten kantooruren belt u (070) 210 0000. Dit is het algemene nummer van het HagaZiekenhuis. Vraagt u naar de dienstdoende arts.
Illustraties: met dank aan the IUGA, International Urogynecological Association en het Reinier de Graaf Gasthuis.
Wij horen graag uw mening over deze folder. Wilt u na het lezen enkele vragen beantwoorden? U vindt de vragen via deze link: https://folders.hagaziekenhuis.nl/2228. Dank u wel.
De informatie in deze folder is belangrijk voor u. Als u moeite heeft met de Nederlandse taal, zorg dan dat u deze folder samen met iemand leest die de informatie voor u vertaalt of uitlegt.
This brochure contains information that is important for you. If you have difficulty understanding Dutch, please read this brochure with someone who can translate or explain the information to you.
Informacje zawarte w tym folderze są ważne dla Państwa. Jeśli język niderlandzki sprawia Państwu trudność, postarajcie się przeczytać informacje zawarte w tym folderze z kimś, kto może Państwu je przetłumaczyć lub objaśnić.
Bu broşürdeki bilgi sizin için önemlidir. Hollandaca dilinde zorlanıyorsanız, bu broşürü, size tercüme edecek ya da açıklayacak biriyle birlikte okuyun.
إذا كنتم لا تتحدثون اللغة الهولندية أو تتحدثونها بشكل سيء إن المعلومات الموجودة في هذا المنشور مهمة بالنسبة لكم. إذا كانت لديكم صعوبة في اللغة الهولندية، فاحرصوا عندئذ على قراءة هذا المنشور مع شخص يترجم المعلومات أو يشرحها لكم.