TUR-blaas
TUR staat voor:
transurethrale = operatie via de plasbuis;
resectie = wegsnijden.
De arts snijdt het gezwel op de operatiekamer weg met een metalen lisje waardoor stroom wordt geleid.
Voor deze behandeling word je 1 tot 2 dagen opgenomen.
Een gezwel in de blaas kan:
Een gezwel in de blaas moet altijd worden verwijderd. Dit is omdat het gezwel groter kan worden, bloedingen kan veroorzaken en invasief kan worden.
Tijdens de operatie lig je op je rug met je benen opgetrokken in beensteunen. Je hoeft de schaamstreek voor de operatie niet te scheren. De arts brengt een holle kijkbuis (scoop) in je plasbuis om de blaas te bekijken en het gezwel te kunnen verwijderen.
De instrumenten die tijdens de operatie worden gebruikt, brengt de arts door deze buis in de blaas. De arts snijdt het gezwel weg met behulp van een metalen lis waar elektrische stroom door loopt.
De uroloog beoordeelt tijdens de operatie of je na de operatie een chemoblaasspoeling moet krijgen in de blaas. Met een chemoblaasspoeling wordt de kans dat het gezwel weer terugkomt zo klein mogelijk gemaakt.
Het gezwel wordt laagje voor laagje afgeschraapt tot in het gezonde weefsel. Hierdoor ontstaat een inwendige wond in de blaas. Tijdens de operatie wordt voortdurend spoelvloeistof in de blaas gebracht om te spoelen. Op deze manier kunnen eventuele losgemaakte deeltjes en bloedstolseltjes uit de blaas gespoeld worden. Na de operatie krijg je een blaaskatheter. Je krijgt geen wond aan de buitenkant van je lichaam.
De operatie duurt ongeveer 30 tot 60 minuten.
Als voorbereiding op de operatie krijg je een lichamelijk onderzoek. De anesthesioloog (de arts die voor de verdoving zorgt) bespreekt met je welke vorm van verdoving voor jou het beste is. Over deze voorbereiding ontvang je van het pre-operatief bureau een aparte folder.
De anesthesioloog bespreekt tijdens het anesthesiespreekuur welke vorm van verdoving je krijgt. De voorkeur gaat meestal uit naar een plaatselijke verdoving. Dat betekent dat je een prik krijgt tussen de wervels (ruggenprik) ter hoogte van de lendenen. Door de ruggenprik is je onderlichaam tijdelijk gevoelloos.
Andere mogelijkheden zijn een ruggenprik met een roesje of een algehele verdoving (narcose). Bij een algehele verdoving krijg je een infuus (slangetje in een bloedvat in de arm) voor het toedienen van vocht en medicijnen.
Tijdens de hele operatie is een anesthesiemedewerker vlak naast je aanwezig.
Als je dat wilt, kun je tijdens de operatie meekijken op een scherm.
Na de operatie word je naar de uitslaapkamer gebracht. Daar worden je hartslag, bloeddruk en ademhaling gecontroleerd. Als alle controles stabiel zijn, word je naar de verpleegafdeling teruggebracht. Als je je goed voelt, krijg je iets te drinken en daarna mag je weer normaal eten.
Je urine is na de operatie vaak licht rood van kleur. Als de operatie zonder complicaties verloopt en je urine geen bloedstolsels bevat, kan de katheter vaak dezelfde avond verwijderd worden.
Soms moet de katheter langer blijven zitten, bijvoorbeeld bij te bloederige urine of wanneer de blaaswand te dun is geworden door het weghalen van het gezwel. Een enkele keer ga je met katheter naar huis en wordt deze poliklinisch verwijderd na een aantal dagen tot een week.
Als de arts tijdens de operatie heeft beoordeeld dat je nog een chemoblaasspoeling nodig hebt, kan dit direct na de operatie gedaan worden of één dag na de operatie. Je wordt daarvoor dan de volgende dag terugverwacht op de polikliniek.
Bij ontslag krijg je een afspraak mee voor controle op de polikliniek na twee of drie weken. Als een blaasspoeling nodig is, krijg je ook een afspraak mee voor de volgende dag.
Bij de controle op de polikliniek informeert de arts je over de resultaten van het microscopisch weefselonderzoek van het verwijderde weefsel. Ook bespreekt de arts met je of nader onderzoek en/of een verdere behandeling nodig is.
Gezwellen in de blaas keren vaak terug. Daarom blijf je altijd onder controle. Om de paar maanden kom je terug om je blaas te laten onderzoeken op eventuele nieuwe gezwellen. Bij je eerste bezoek op de polikliniek na de operatie krijg je een afspraak hiervoor.
Tijdens of na de operatie kunnen altijd complicaties optreden.
De urine kan de eerste dagen na de operatie nog wat rood van kleur zijn. Dit is normaal en kan 6 weken duren.
Tijdens kantoortijden (8:00-16:30)
Buiten kantoortijden (16:30-8:00)
De eerste 2 weken:
De eerste 6 weken:
Het is raadzaam te stoppen met roken, ook wanneer er al blaaskanker bij je is vastgesteld.
Als je na het lezen van deze folder nog vragen hebt, stel ze gerust aan je behandelend arts. Ook kun je contact opnemen met de oncologieverpleegkundige op telefoonnummer (070) 210 6482.
Een mail sturen kan ook: uro-oncologie@hagaziekenhuis.nl
Wij horen graag uw mening over deze folder. Wilt u na het lezen enkele vragen beantwoorden? U vindt de vragen via deze link: https://folders.hagaziekenhuis.nl/2228. Dank u wel.
De informatie in deze folder is belangrijk voor u. Als u moeite heeft met de Nederlandse taal, zorg dan dat u deze folder samen met iemand leest die de informatie voor u vertaalt of uitlegt.
This brochure contains information that is important for you. If you have difficulty understanding Dutch, please read this brochure with someone who can translate or explain the information to you.
Informacje zawarte w tym folderze są ważne dla Państwa. Jeśli język niderlandzki sprawia Państwu trudność, postarajcie się przeczytać informacje zawarte w tym folderze z kimś, kto może Państwu je przetłumaczyć lub objaśnić.
Bu broşürdeki bilgi sizin için önemlidir. Hollandaca dilinde zorlanıyorsanız, bu broşürü, size tercüme edecek ya da açıklayacak biriyle birlikte okuyun.
إذا كنتم لا تتحدثون اللغة الهولندية أو تتحدثونها بشكل سيء إن المعلومات الموجودة في هذا المنشور مهمة بالنسبة لكم. إذا كانت لديكم صعوبة في اللغة الهولندية، فاحرصوا عندئذ على قراءة هذا المنشور مع شخص يترجم المعلومات أو يشرحها لكم.